Lange tijd is er geen norm geweest voor het bepalen van de stroefheid / wrijvingseigenschappen van vloeren. Vanaf 2003 tot eind 2015 werd als controlemiddel de NTA 7909 toegepast. Dit was geen daadwerkelijke norm maar een technische afspraak gebaseerd op een DIN-norm waarbij met de FSC2000 (FloorSlideControl) de stroefheid werd bepaald.

Om genormeerd de stroefheid van een vloer (tegel, coating, vloerbedekking, laminaat) te kunnen beoordelen is er in juni 2015 een ontwerpnorm gekomen, die in oktober definitief is geworden.

Het betreft: NEN 7909 (2015): Slipweerstand van beloopbare oppervlakken: Eis en bepalingsmethode. In deze norm is de FSC200 vervangen door een nieuw meetinstrument en wel de GMG-200.

Met de GMG-200 wordt de slipweerstand geclassificeerd aan de hand van de dynamische wrijvingscoëfficiënt. Deze geeft uitsluitsel over de stroefheid. De wrijvingscoëfficiënt wordt uitgedrukt als waarde µ. Hoe hoger de wrijvingscoëfficiënt, hoe groter de stroefheid.

Binnen de huidige norm is de volgende kwalificatie beschreven.

  Voldoende stroef
Droge toepassing µ ≥ 0,30
Natte toepassing µ ≥ 0,40
Natte toepassing zwembad µ ≥ 0,45

Deze producten maken gebruik van de Stroefheidsmetingen