Dekkingsmetingen worden uitgevoerd om de dekking op de wapening te bepalen.

Inzicht in de dekking op de wapening kan om meerdere redenen van belang zijn:

  • Ter controle van op te leveren constructies of constructieonderdelen.
  • In combinatie met onderzoek naar bijvoorbeeld carbonatatie en chloride geeft dit inzicht in aantastingsmechanismen nu en in de toekomst.

De eisen met betrekking tot de betondekking op de wapening zijn vastgelegd in de voorschriften conform NEN-EN-206-1.

Binnen de productgroep Onderzoek Beton maken wij gebruik van diverse dekkingsmeters, o.a. de Profometer en de Ferroscan.

Een dekkingsmeter werkt op basis van een door het apparaat opgewekt elektromagnetisch veld. Bij aanwezigheid van staalvezels in het beton is het daarom niet mogelijk een betrouwbaar meetresultaat te verkrijgen. Ook in de nabijheid van hoogspanning kan verstoring van het signaal plaatsvinden waardoor metingen niet mogelijk zijn.

Bij uitvoering van dekkingsmetingen dient van ten minste zes naastgelegen wapeningsstaven uit de eerste laag de dekking te worden gemeten waarvan de minimale en de gemiddelde waarde wordt bepaald. Omdat de diameter van de wapening mede bepalend is voor de interpretatie van het meetsignaal, is voor een exacte dekkingsmeting de invoering van de diameter benodigd. Indien deze niet bekend is wordt een schatting gemaakt.

De nauwkeurigheid van de locatiebepaling van een wapeningsstaaf is ± enkele millimeters. De belangrijkste voorwaarden voor een betrouwbaar meetresultaat zijn:

  • Een voldoende vlakke, schone en droge ondergrond
  • Een minimale dekking van 10 mm
  • Een minimale hart-op-hart-afstand van 3,5 cm
  • Een dekking/h.o.h.-afstand verhouding van maximaal 2:1

De meeste dekkingsmeters werken tot een diepte van circa 80 mm.

Deze producten maken gebruik van de Dekkingsmetingen